Zonnepanelen liggen op steeds meer daken in Nederland, en dat is niet voor niets. De energierekening daalt, je bent minder afhankelijk van het energienet en je doet iets goeds voor het milieu. Toch weten veel mensen niet precies hoe zo’n paneel werkt, wat het oplevert en waar je op moet letten. In deze blog lees je alles wat je wilt weten, zonder ingewikkeld taalgebruik.
Hoe zonnepanelen zonlicht omzetten in elektriciteit
Een zonnepaneel bestaat uit veel kleine zonnecellen. Die cellen zijn gemaakt van silicium, een materiaal dat reageert op licht. Als zonlicht op een cel valt, komen er elektronen in beweging. Die beweging is eigenlijk al een kleine stroom. De cellen zijn zo gebouwd dat de stroom maar één kant op kan, waardoor er een gelijkstroom ontstaat. Thuis heb je wisselstroom nodig, want dat is het type stroom dat stopcontacten gebruiken. Daarom sluit je de panelen aan op een omvormer. Die omvormer zet de gelijkstroom om naar bruikbare wisselstroom. Bij grotere installaties worden meerdere rijen panelen, ook wel strings genoemd, aangesloten op één grote omvormer. Het systeem als geheel is simpeler dan het klinkt: zon in, stroom uit.
Welke soorten zonnepanelen er zijn
Niet elk paneel is hetzelfde. De meest gebruikte soort is het monokristallijn paneel. Dat is gemaakt van één groot siliciumkristal en heeft een hoog rendement. Dat wil zeggen dat het een groot deel van het zonlicht daadwerkelijk omzet in stroom. Een andere veelgebruikte variant is het polykristallijn paneel. Dat bestaat uit meerdere kleine kristallen en is iets goedkoper, maar haalt ook iets minder uit hetzelfde oppervlak. Daarnaast bestaat er de dunnefilmvariant. Die is minder dik, lichter en flexibel, maar zet minder licht om in energie. Voor de meeste woningen zijn monokristallijne panelen de beste keuze, omdat ze op een klein dakoppervlak zoveel mogelijk opleveren. Het rendement van een gemiddeld paneel ligt tegenwoordig tussen de 20 en 23 procent.
Hoeveel stroom zonnepanelen opwekken
Het vermogen van een zonnepaneel wordt uitgedrukt in wattpiek, afgekort als Wp. Dat getal geeft aan hoeveel stroom een paneel maximaal opwekt onder ideale omstandigheden. Een gemiddeld paneel heeft een vermogen van ongeveer 400 Wp. Een huishouden dat per jaar 3.500 kilowattuur verbruikt, heeft ruwweg acht tot tien panelen nodig. Hoeveel stroom een installatie daadwerkelijk opwekt, hangt af van de ligging van het dak, de hellingshoek en hoeveel schaduw er valt. Een dak dat op het zuiden is gericht en een helling heeft van 35 graden geeft de beste opbrengst. In Nederland wekken zonnepanelen gemiddeld zo’n 850 kilowattuur per kilowatt piekvermogen op per jaar. De stroom die je zelf niet direct gebruikt, kun je terugleveren aan het net, al veranderen de regels voor die teruglevering de komende jaren.
Wat de aanschaf en terugverdientijd betekenen in de praktijk
De kosten voor een gemiddelde installatie van acht panelen liggen in Nederland rond de 6.000 tot 8.000 euro, inclusief plaatsing en omvormer. De terugverdientijd is voor de meeste huishoudens tussen de zeven en tien jaar. Na die periode levert de installatie puur winst op, want de panelen gaan gemiddeld 25 tot 30 jaar mee. Het is goed om te weten dat je voor particulieren in Nederland geen btw betaalt over de aankoop van zonnepanelen voor de eigen woning. Dat scheelt direct 21 procent op de aanschafprijs. Ook is er soms subsidie beschikbaar via de gemeente of provincie. Onderhoud is beperkt: een jaarlijkse controle en af en toe schoonmaken met water is meestal genoeg om de opbrengst op peil te houden.
Veelgestelde vragen
Wat is een omvormer en waarom heb je die nodig?
Een omvormer is een apparaat dat de stroom van zonnepanelen omzet naar een soort stroom die je in huis kunt gebruiken. Panelen maken gelijkstroom aan, maar huishoudelijke apparaten werken op wisselstroom. Zonder omvormer kun je de opgewekte energie niet gebruiken.
Werken zonnepanelen ook als het bewolkt is?
Zonnepanelen werken ook bij bewolkt weer, maar wekken dan minder stroom op. Ze reageren op daglicht, niet alleen op directe zon. Op een licht bewolkte dag kan een installatie nog 10 tot 25 procent van de maximale opbrengst halen.
Wat gebeurt er met de stroom die ik niet zelf gebruik?
Stroom die je zelf niet direct verbruikt, gaat terug naar het elektriciteitsnet. Je energieleverancier verrekent dat met je rekening. De regels voor deze saldering veranderen in Nederland de komende jaren, dus het is handig om dat bij te houden als je overweegt panelen aan te schaffen.
Hoe lang gaan zonnepanelen mee?
De meeste zonnepanelen hebben een levensduur van 25 tot 30 jaar. Na die tijd werken ze nog steeds, maar wekken ze iets minder stroom op. Fabrikanten geven vaak een garantie af op het vermogen: na 25 jaar moet een paneel nog minstens 80 procent van de originele capaciteit hebben.



